Het drama van het begaafde kind

Deze post gaat over het boek The Drama of the Gifted Child van Alice Miller. De titel had op mij zo’n sterke aantrekkingskracht, dat ik het wel moest lezen. Ik zal hier de belangrijkste inzichten van Alice Miller met je delen en ook haar therapeutisch advies. Ik denk dat Alice Miller op alle aspecten de spijker op zijn kop slaat.

Allereerst wat over het boek zelf. De titel is wat misleidend: het boek gaat niet specifiek over bijzonder getalenteerde kinderen. Met de term “Gifted” bedoelt Alice Miller de vaardigheid die veel kinderen hebben om behoeftes van hun ouders heel nauwkeurig aan te voelen. In het bijzonder die behoeftes waarvan de ouders zich niet eens bewust zijn, zoals de behoefte om belangrijk te zijn. De nieuwste editie van het boek, die in 2019 uitkomt, heet The Drama of Being a Child, om aan te geven dat je niet uitzonderlijk hoeft te zijn om een jeugdtrauma te hebben. Sterker nog, het overkomt iedereen. Het grootste drama is echter dat jeugdtrauma’s niet beperkt blijven tot je jeugd. Als je niet de juiste hulp krijgt, heb je er je hele leven last van. En andere mensen hebben ook last van jouw trauma’s. Daarover zo dadelijk meer.

Jeugdtrauma’s zijn niet direct zichtbaar. Getraumatiseerde, begaafde kinderen kunnen hun hele leven uitstekend functioneren. Als volwassenen reageren ze goed op de hulp van coaches en psychologen – als dat de verwachting is. In de woorden van Alice Miller: “they can do anything that is expected of them”. Maar van binnen voelen ze zich leeg en ongelukkig. Ze zijn niet in staat om hun eigen dromen waar te maken of ook maar na te jagen.

The Drama of the Gifted Child is geen toegankelijk boek. Ondanks mijn uitstekende beheersing van het Engels, had ik regelmatig een woordenboek nodig. Daarnaast vond ik de zinsopbouw onnodig ingewikkeld. Het boek lijkt geschreven voor een beperkt publiek: mede-psychotherapeuten.

De inhoud, daarentegen, is van het allergrootste belang voor iedereen. Ik begin te geloven dat ik het doel van het leven gevonden heb: het genezen van je eigen (jeugd)trauma’s. That’s it. De rest is afleiding, totdat je aan het echte werk toekomt. Als je daar nog niet mee bezig bent: geniet van het leven! En wacht rustig af. Vroeg of laat werkt de afleiding niet meer. Dat is het moment.

Is dit jouw moment? Schitterend, lees dan verder. Nog niet? Ook schitterend. De waarheid is geduldig1.

Het drama

Om te beginnen beschrijft Alice Miller het mechanisme waarmee ouders hun eigen jeugdtrauma’s onbewust doorgeven aan hun kinderen. Die kinderen geven hun trauma’s dan weer onbewust door aan hun eigen kinderen. En zo wordt, geheel onbewust, een soort collectieve geestesziekte in stand gehouden.

Om een voorbeeld te geven: vrijwel iedere volwassene heeft een enigszins beladen relatie met seks2. Een klein kind heeft dat nog niet, die heeft geen idee wat het is. Vroeg of laat zal het, uit nieuwsgierigheid, de eigen geslachtsdelen onderzoeken of er mee spelen. Als een ouder dat ziet, wordt hij of zij geconfronteerd met de eigen, onderdrukte schaamte over seks. De makkelijkste manier om daar van af te komen, is het kind opdragen niet aan dat deel van het lichaam te zitten. Het kind zal het niet begrijpen, maar wel aannemen dat de ouder het beter weet. Al snel zal het leren dat de schaamstreek (wat een woord!) iets is om je voor te schamen. En op die manier wordt schaamte over het eigen lichaam, geheel onbewust, overgedragen van de ene generatie op de andere.

Daarnaast leiden trauma’s tot emotionele behoeften. We gaan op zoek naar dingen om de pijn van onze trauma’s af te dekken. Alice Miller noemt dit soort dingen ‘substituten’. Een paar voorbeelden:

  • Iemand die zich in zijn jeugd vaak machteloos heeft gevoeld (een trauma), wil als volwassene graag macht over anderen hebben (een emotionele behoefte). Deze macht is het substituut: het dient ervoor om het gevoel van machteloosheid af te dekken.
  • Iemand die zich in zijn jeugd vaak onbelangrijk heeft gevoeld (trauma), neemt later misschien een kind (substituut). Voor het kind is de ouder belangrijk. Deze ouders hebben later moeite om het kind los te laten – ze zijn niet meer belangrijk.
  • Iemand die zich als kind ongewenst voelde (trauma), zoekt later zijn toevlucht in seks (substituut).

Het ‘drama’ met substituten is dat ze nooit het oorspronkelijke trauma oplossen. De emotionele behoefte blijft in stand, hij is alleen tijdelijk afgedekt door het substituut. Aangezien alle substituten tijdelijk zijn (niets is permanent), zal de emotionele behoefte op een later moment weer naar boven komen. Daarnaast zijn jouw emotionele behoeften vaak schadelijk voor je relatie met anderen. Wanneer de ander een bepaald doel dient (jou machtig, belangrijk, geliefd laten voelen), kun je hem of haar niet meer volledig in waarde laten en zichzelf laten zijn.

Ten slotte heeft Alice Miller een interessante kijk op het fenomeen zelfvertrouwen: zelfvertrouwen betekent dat je je eigen gevoel vertrouwt. Daar zit wat in. Het is mogelijk om te leren niet-te-voelen. Om een voorbeeld uit mijn eigen leven te geven: ik herinner me een situatie waarbij ik als onderdeel van een training meedeed aan een rollenspel. Mijn medespeler (een acteur) zei iets, waarvan het de bedoeling was dat het bij mij boosheid zou oproepen. Ik reageerde strikt inhoudelijk. De cursusleider wilde mij leren om assertiever te reageren. Ze vroeg me: “Wat voel je als iemand dit tegen je zegt?”. De realiteit was dat ik helemaal niks voelde. Boosheid werd in mij zo goed onderdrukt, dat ik het niet kón voelen. Althans niet op het moment dat ik het had kunnen uiten. En het feit dat ik totaal niet door had gehad dat mijn grenzen werden overschreden door wat de acteur zei, deed mij twijfelen aan mijn inschattingsvermogen. Dus ik begrijp helemaal wat Alice Miller bedoelt. Om assertief en doortastend te kunnen handelen, zijn we volledig afhankelijk van onze emoties. Als je slechts beperkt toegang heb tot je gevoel, gaat dat dus niet. En ben je (terecht!) onzeker in sociale situaties.

De therapie

Wat kunnen we doen aan al deze ellende? Ten eerste zul je moeten accepteren dat je de tijd niet terug kunt draaien. De kans is groot dat je in je jeugd geen onvoorwaardelijke liefde hebt gekend. Dat gaat nooit meer komen (slik). Althans niet van andere mensen. Volwassenen krijgen nooit onvoorwaardelijke liefde van anderen. Er zijn altijd bepaalde dingen die een ander niet zal accepteren, en waar deze jou dus op zal afwijzen. Houd dus op met zoeken naar onvoorwaardelijke liefde van anderen – het bestaat niet.

Ten tweede zullen we onze jeugdtrauma’s moeten genezen. Als je nog niet veel “werk aan jezelf” gedaan hebt, zullen veel van deze trauma’s onbewust zijn. Veel onbewust gedrag, zoals trillende benen wanneer je een presentatie moet geven, is het gevolg van jeugdtrauma’s die je nog altijd onderdrukt. Dit onbewuste gedrag verdwijnt na het genezen van je trauma’s. En om die trauma’s te genezen, moet je twee dingen doen (volgens Alice Miller):

  1. De pijnlijke herinneringen ophalen;
  2. De pijn erkennen.

Nu is dat wel makkelijker gezegd dan gedaan. Doorgaans hebben we geen flauw idee wat die herinneringen zijn. Ga niet zitten gokken. Je “systeem” weet het. De herinneringen die boven moeten komen, komen vanzelf boven, zodra de kust veilig is.

Met een veilige kust bedoel ik dat je in staat bent om ‘vervelende’ emoties te accepteren, zelfs te verwelkomen, in plaats van ze te verdrukken. Daarnaast moet je een nauwgezet bewustzijn ontwikkelen, en de stabiliteit om ook intense emoties in rust te ervaren. De beste manier om dat te leren is door meditatie. Klik hier om in 1 minuut en 23 seconden te leren mediteren.

Bronnen, noten en/of referenties

  1. Ik beweer niet dat de waarheid in dit stukje staat.
  2. Zie ook De drang naar seks is een spiritueel verlangen.

Een reactie plaatsen

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.